Waaraan herken je een goede Doodletrimster?

Het schijnt steeds moeilijker te worden om een goede trimster voor je Labradoodle te vinden. Overal waar ik kom krijg ik te horen dat de lokale trimmers vol zitten en dat baasjes soms kilometers moeten rijden om hun Labradoodle uberhaubt te laten trimmen. En dan nog is de vraag: gebeurt dat trimmen naar hun zin?

Niet alle hondentrimmers zijn ook goede Doodletrimmers en niet alle Doodletrimmers zijn GOEDE Labradoodle trimmers. Hoe komt dat en als het waar is, waar moet je dan op letten bij het zoeken naar de juiste Doodletrimster voor jouw Labradoodle?

Ten eerste is hondentrimmen een vrij beroep waar je geen diploma voor nodig hebt. Is wel verstandig, want je hebt te maken met levende wezens waarvoor je verantwoordelijk bent. Maar VERPLICHT is het niet. Raar hé?

Ten tweede leren degene die WEL een hondentrim opleiding volgen niet persé ook hoe ze Labradoodles moeten trimmen. Trimmen zelf leer je namelijk niet op de opleiding, maar bij je stageadres en als ze daar geen Labradoodles in de praktijk hebben, leer je die niet te trimmen. Hetzelfde geldt voor Waterhonden die veel zeldzamer zijn in de trimsalon (Labradoodles en Waterhonden zijn al wel veel meer gemeengoed in de trimsalons dan 5 jaar geleden, of 9 toen ik mijn bedrijf begon).

Daarbij is er vanuit de opleiding geen controle op de stagegevers, dus als jij gewoon je uren maakt en die af laat vinken, kun je aan het einde van het verhaal praktijkexamen doen. En als jij bijvoorbeeld op de verkeerde wijze leert oortjes uit te plukken (omdat jouw stagegever dat zo geleerd heeft van haar stagegever), zul je hier NOOIT op gewezen worden door iemand die WEL weet hoe dat moet (misschien zijn deze dingen inmiddels verbeterd, maar in mijn tijd en de tijden van vele trimmers in Nederland was er geen controle op je vaardigheden. Ik had het geluk dat ik stage liep bij mijn moeder, die wel echt een goede hondentrimmer was en uberstreng voor mij als pupil).

Tijdens het examen trim je nooit een hele hond, maar toon je al je trimtechnieken (knippen, effileren, plukken: op de daarvoor bestemde vachten: knipvacht (Poedel, Waterhond, Labradoodle), effileervacht (Maltheser, Cocker Spaniël), plukvacht (ruwharige teckel en de meeste Terriërs) op slechts een klein deel van de examenhond die jij of een ander hebt meegenomen (het is nog maar de vraag of daar een Labradoodle of Waterhond tussen zit).

Toen ik lang geleden examen deed bij het HKI was het verboden om een kniphond (in mijn geval een Barbet) met een effileerschaar te trimmen. Knippen behoorde je met een poedelschaar te doen (rechte of kromme schaar) en een effileerschaar gebruiken was uit den boze. Die gebruikte je alleen voor een effileervacht). Dit is de reden waarom nog steeds veel Labradoodles met een poedelschaar worden geknipt, terwijl een effileerschaar een veel mooier en natuurlijker resultaat geeft.

Het eerste waar je dus op moet letten bij het zoeken naar een goede Doodletrimster: is de persoon opgeleid en zo ja: heeft hij/zij ervaring (liefst jarenlang op verschillende vachtsoorten) met Labradoodles en/of Waterhonden? LET OP: een Labradoodle specialisatiecursus zegt NIETS: van op een afstand kijken en noteren hoe een ervaren trimster een Labradoodle trimt, leer je NIETS, ook al ontvang je een mooi certificaat met je naam erop. Labradoodle trimmen leer je enkel door te DOEN en HEEL VEEL TE DOEN en instructie door de juiste Doodletrimmer die weet hoe het hoort.

Maar HOE hoort een Labradoodle dan getrimd te worden?

Als vachtexpert in Waterhonden en Labradoodles vind ik dat de vacht er zo natuurlijk mogelijk uit moet zien, volledig klitvrij, mooi fluffy, op een leuke en praktische tussenlengte en met mooie, volle berenpoten en lekker scruffy hoofd, waarbij je Labradoodle nog herkenbaar is als zichzelf en zijn bijzondere persoonlijkheid extra goed weerspiegeld wordt i.p.v. letterlijk afgekapt.

NIET scheren (ook niet op één lengte met de opzetkam), geen rembaan op de snuit, geen te lange wangen of te korte oren, geen spillebenen, hangbuik, te smalle taille, hangkont, slofpoten of juist poedelvoeten…er is zoveel dat mis gaat bij veel Labradoodles (over Waterhonden maar niet te spreken). Een Labradoodle hoort er niet getrimd uit te zien, enkel strakgetrokken of opgekalefaterd. Ik vind dat elke trimbeurt een verrijking moet zijn. Je hond moet er na de trimbeurt altijd mooier, jonger, speelser, , vrolijker, gezonder uitzien dan daarvoor. Ook als hij toevallig klitten had. Scheren is bijna nooit een excuus.

Er zijn hondentrimmers die het uiteraard met mij oneens zijn en die beweren dat onklitten en ontvilten zielig is voor een hond. Terwijl ze enkel stil hoeven te staan (met pauzes), terwijl ik voorzichtig alle klitten en vilt doorknip en los borstel. Geen centje pijn, want ik trek niet aan de vacht en raak de huid niet. Daarom draai ik het juist om. Trimmers die scheren begrijpen vaak niet hoe gevoelig Labradoodles zijn en hoe heftig het scheren voor ze is; geestelijk, maar ook lichamelijk, omdat ze zo’n gevoelige huid hebben die door het scheren extra kwetsbaar wordt gemaakt voor schadelijke invloeden van buitenaf. Ze raken letterlijk hun beschermlaag kwijt. Dat is in de zomer niet verstandig, in de winter niet, maar eigenlijk nooit niet. En ook niet nodig als de baasjes leren hoe ze de vacht zelf gemakkelijk klitvrij kunnen houden.

Daarom en om nog veel meer redenen die verder reiken dan slechts de vachtverzorging en het uiterlijk heb ik als missie om baasjes zelfredzaam te maken. Zodat zij zelf hun Labradoodle of Waterhond de beste zorg kunnen geven.

Terug naar de voorwaarden voor een goede Labradoodletrimster: nu heb je een plaatje in je hoofd van hoe je hondje eruit kan komen te zien nietwaar? Je bent ooit verliefd geworden op je pup, omdat hij zo schattig, zacht en knuffelbaar was. Een levende teddybeer, toch?

Waarom zou je dan concessies doen zodra de vacht volwassen is, als je hem nog steeds als pup kunt houden? Omdat het gemakkelijker is en minder moeite kost? Laat jij je hondje scheren, omdat het jou beter uitkomt? Dan had je in mijn optiek (en die van elke trimmer, fokker en Labradoodle fanaat ter wereld) geen Labradoodle of Waterhond moeten nemen, want vachtverzorging is HET probleem bij deze rassen. Een mooie, dikke, wollige, anti-allergene vacht komt nu eenmaal met verantwoordelijkheden.

Die prachtige, lieve hond van jou heeft verzorging nodig EN heeft zijn vacht nodig, want de vacht heeft een essentiële functie. Die kan en mag je niet zomaar wegnemen. En dat hoeft ook niet als je met een klein beetje moeite leert hoe je de vacht optimaal borstelt, uitdunt, ontklit en gezond houdt. Meer hoef je niet te weten als je niet wilt leren trimmen (modelleren) en een trimmer werkt graag met je samen als jij een klitvrije Labradoodle aanlevert. Jij happy, je Labradoodle happy, trimmer happy, je portemonnee happy….)

Maar dan moet de trimmer in kwestie wel weten hoe je een Labradoodle op zijn mooist trimt. Dus prent dat plaatje van net in je hoofd en ga op zoek naar voor en na foto’s. Goede Doodletrimmers laten graag hun werk zien (minder goede ook, want de meeste trimmers vinden zichzelf goed, maar als je gaat vergelijken kun je al snel het kaf van het koren scheiden).

Ik hoop dat dit je gaat helpen de voor jou en je Labradoodle of Waterhond juiste trimmer te vinden. OF dat het je juist inspireert om in ieder geval de basis vachtverzorging zelf op te pakken, want naast dat dat belangrijk is, is het ontzettend leuk om te doen en je versterkt de band met je hondje ermee.

Over inspiratie gesproken: hier zijn weer 2 foto/video compilaties van de afgelopen privé trimworkshops die ik heb gegeven. 1 van een Labradoodletje en 1 van een Portugese Waterhond. Erg leuk, want die zie je nog steeds niet veel.

Video compilatie Portugese Waterhond Sara:

Video compilatie Labradoodletje Snuf:

Enjoy en tot de volgende!

PS. natuurlijk vind ik het erg leuk om je commentaar te ontvangen, dus stuur me een reply als je iets wilt delen of vragen.

Groetjes,
Wanda & Joy

 

Interessant? Deel dit artikel!

Share on facebook
Share on twitter
Share on pinterest
Share on linkedin